Tellen tot 1000

Icon van de app "Tellen tot 1000"

De focus in deze app is niet het daadwerkelijk rekenen met sommen maar meer een getalgevoel ontwikkelen met getallen vanaf 100 tot 1000. Je leert de getallen te tellen en plaatsen in de juiste volgorde van klein naar groot. Maar ook luisteren naar het getal en deze intikken op het scherm. (Is het nu 193 of toch 139?). Daarna leer je ook sprongen maken met verschillende veelvouden. Het doel is dat je een gevoel krijgt hoe de getallen zich verhouden met elkaar en de systematiek van het opschrijven van een 100getal goed onder de knie krijgt. Dit is belangrijk, voordat je echte sommen gaat oplossen. De 22 oefeningen zijn verdeeld in 3 onderwerpen:

  • Luisteren naar het getal en type het juist getal in.
  • Tellen met sprongen van 1, 5, 10, 20, 40 en 50.
  • Zet de getallen in de juiste volgorde van laag naar hoog met gelijke sprongen.

In de app kun je kiezen uit vijf digitale oefenboekjes

Opzet van het boekje

Deze app bevat 22 oefeningen en 3 toetsen op het einde. De opzet is zo gemaakt dat je in stapjes leert tellen van 100 tot 1000. Eerst leer je de getallen te herkennen, dan tellen we met sprongen van 1. Vervolgens sprongen van 5, 10, 20, 40 en tenslotte 50.

Luisteren naar het getal en type het juiste getal in.

In dit type oefening luister je eerst naar het getal, daarna type je het getal in en kijk je of het goed is. Eerst oefen je de hele honderdtallen (bijv. 100,200,300), daarna de honderdtientallen (bijv. 110, 120) en afsluitend oefen je alle honderdgetallen (bijv. 110, 111, 112). Als je deze oefeningen hebt gedaan dan kun je elk getal onder de duizend opschrijven.

Eerst leer je vermenigvuldigen met één tafel.
Daarna oefen je de tafel door elkaar.

Zet de getallen in de juiste volgorde van laag naar hoog met gelijke sprongen.

In deze type oefeningen zie je iedere keer een aantal blokjes waarvan sommige geen getal hebben. De bedoeling is om de ontbrekende getallen toe te voegen in de tekening. Op deze manier leer je de volgorde van de getallen. We beginnen met sprongen van 1, maar de sprongen worden daarna groter.

Tenslotte heb je een test waarbij de je de tafel samen met andere tafels moet oplossen.

Tellen met sprongen van 1, 5, 10, 20, 40 en 50.

In deze oefeningen komen we al dicht bij het rekenen met grote getallen. Je ziet een getallenlijn met een sprong. Aan jouw de taak om het getal toe te wijzen waarnaar de sprong toe gaat.